Teamleden actief deel laten nemen
Kees hangt onderuit gezakt in zijn stoel, Marjan gaapt uitgebreid en Willem kijkt uit het raam in plaats van op het flipoverboard. Ik bestudeer de deelnemers aan het begin van mijn training en vraag mij stiekem af: wat voor een training gaat dit worden? Krijg ik ze actief en werken ze mee? Of blijven ze mij beleefd aanstaren, maar zitten ze met hun gedachten ergens anders?
Ik zet gauw die gedachten uit en besluit er vol vertrouwen in te gaan. Ik nodig ze uit om in een kring te gaan staan en spreek ze enthousiast toe. Ik vertel over de popcorn-werkvorm: zet een stap naar voren, stel je zelf voor en spreek je leerdoel uit. Als iemand het herkent, springt ie ook in de kring (net als een popcorn), en zegt dan: “ik ook!”. We starten: de groep komt langzaamaan een beetje los… ik maak wat grapjes hier een daar en lach ze bemoedigend toe.
Na deze oefening vertel ik over mijn idee van een succesvolle training. Ik vertel dat ik geloof ‘in de kracht van de groep’. Dus als ze advies voor elkaar hebben, dat ze zich vrij moeten voelen om dit uit te spreken.
Tja, wat is het precies geweest…. was het mijn enthousiasme? Waren het de actieve werkvormen? Waren het de woorden: ‘we doen dit samen’…?
Op het eind van de training zag ik 14 enthousiaste individuen… die allemaal hun eigen inbreng hadden: zo was er iemand die als mediator optrad, iemand die mij praktisch advies gaf, een dame die zich als een moederfiguur opstelde en een deelnemer die zorgde voor genoeg tempo… en uiteraard zat er een entertainer tussen. Geweldig om te zien dat iedereen zijn eigen verantwoordelijkheid pakte en een actieve houding aannam om deze training te laten slagen!
Toen het tijd was om af te sluiten, vroeg ik iedereen om weer te gaan staan. Een van de deelnemers riep: “Jaaaa, weer popcorn!” “Haha, precies”, zei ik. Ik vroeg ze om in één woord te omschrijven wat ze van de dag vonden. Allemaal positieve woorden kwamen langs: leerzaam, leuk en gezellig. Ik eindigde zelf ook met een woord: ‘verbondenheid’. En wat denk je? Ze sprongen allemaal naar het midden en riepen in koor: “Ik ook!”. Kijk, en daar word ik nou blij van… Mijn missie was geslaagd: ik had hen gesprekstechnieken geleerd en ik had ze ook nog dichter bij elkaar gebracht!


